Ode aan de Meppeler toren

Meppeler toren, m’n trots en m’n vreugd!
@media (max-width: 679px){#fig-614a161186810 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-614a161186810 img{#fig-614a161186810 img.lazyloading{width: 470px;height: 470px;}}@media (min-width: 680px) and (max-width: 680px){#fig-614a161186810 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-614a161186810 img{#fig-614a161186810 img.lazyloading{width: 624px;height: 624px;}}@media (min-width: 681px) and (max-width: 1320px){#fig-614a161186810 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-614a161186810 img{#fig-614a161186810 img.lazyloading{width: 1290px;height: 726px;}}@media (min-width: 1321px){#fig-614a161186810 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-614a161186810 img{#fig-614a161186810 img.lazyloading{width: 948px;height: 533px;}}Meppeler toren

Een toren als trots van de stad. Zó geroemd en geliefd dat het gevaarte zelfs een eigen volkslied kreeg. De inwoners koesteren hun bijna 45 meter hoge rijksmonument, het oudste gebouw van Meppel. En dat staat er, na een recente opfrisbeurt, weer picobello bij. Zelfs het gouden haantje in top blinkt als nooit tevoren. Hoog tijd voor een fikse klauterpartij.

Met precies 147 treden – ze zijn geteld! – op die middeleeuwse wenteltrap is het een kuitenbijter van jewelste, maar het panorama vanaf de trans maakt de klim de moeite waard. Hier sta je eerste rang op de royale omgang, met uitzicht op het grensgebied van Drenthe met Overijssel. Een paar blikvangers? De tv-mast van Smilde, de fiere toren van Steenwijk, de fabriekspijp van de VAM in Wijster, de bossen rondom de Wijk, de Achmeatoren van Zwolle. En wie ooit het zeldzame genoegen proefde om nóg eens 13 meter hoger te stijgen – dat “voorrecht” heeft alleen de onderhoudsploeg van de gemeente – weet dat je vanaf daar zelfs de meren in de Kop van Overijssel kunt zien glinsteren.

@media (max-width: 680px){#fig-614a16118713d img.lazyloading{background: #eee;}#fig-614a16118713d img{#fig-614a16118713d img.lazyloading{width: 624px;height: 0px;}}@media (min-width: 681px) and (max-width: 1320px){#fig-614a16118713d img.lazyloading{background: #eee;}#fig-614a16118713d img{#fig-614a16118713d img.lazyloading{width: 980px;height: 0px;}}@media (min-width: 1321px){#fig-614a16118713d img.lazyloading{background: #eee;}#fig-614a16118713d img{#fig-614a16118713d img.lazyloading{width: 1272px;height: 0px;}}

‘Mijn trots, mijn vreugd’
Immer schoon en statig, stond er voor mijn geest, midden in het stadje, grenzend aan de Reest, d’oude Mepp’ler toren, turend in de nacht, als een trouwe herder, waakzaam en vol kracht. Het eerste van twee coupletten. Gevolgd door het welluidend refrein dat natuurlijk uit volle borst mag worden meegebruld: Meppeler toren, m’n trots en m’n vreugd, hij geeft mij een beeld van mijn heerlijke jeugd. Ik speelde en stoeide zo blij aan zijn voet, oh Meppeler toren, mijn groet! Edward de Vries, voorzitter van de Stichting Oud Meppel, geeft ruiterlijk toe dat-ie de tekst niet volledig uit z’n blote hoofd kent, al weet hij zo wel een paar chauvinistische Meppelers die op verzoek in zingen zullen uitbarsten. De Ode aan de Meppeler Toren is dan ook niet zomaar een lukraak versje. Het is ’t officieuze volkslied van Meppel. Harm Plenter schreef het in 1932 voor de revue van toneelvereniging Tavenu en dat illustere lied groeide uit tot de traditionele hymne in Meppel, die elk jaar tijdens de aubade op Koningsdag gezongen wordt.

Verder lezen over de Meppeler toren? Het volledige verhaal verscheen in Noorderland 2021-3. Dit nummer is nu te koop in de winkel en onze webshop.

Laatste nieuws