Bewonder de best bewaarde borgen van Groningen

Dit artikel verscheen in Noorderland 2015-7.

Tekst & fotografie Jolanda de Kruyf, iStock

Het zijn stuk voor stuk beschutte idylles: de best bewaarde borgen van Groningen. Statige buitenhuizen voor de happy few. Parels van eeuwen op en rond het Hogeland. Boffen wij even dat het stormseizoen korte metten maakt met al dat zicht belemmerende groen! Kom maar zien, dat moois in de provincie.

Je zou gewoon zin krijgen in die naderende leegte. Het naakte landschap dat, eenmaal ontdaan van z’n zomerjas, weer zoveel goed bewaarde geheimen prijsgeeft. Met Koning Winter al rammelend aan de deur breekt een periode aan van ongegeneerd spieken en gluren. Dan is het of de coulissen van groen kordaat zijn weggeschoven en heeft ook het “gepeupel” vrij zicht op al dat fraais. Noorderland inspecteerde een aantal borgen van nabij en op gepaste afstand, afwisselend met de auto en per fiets.

Kastelen van het noorden

Wat een rijkdom. Strak omkaderd door grachten, groensingels en houtwallen rusten de juweeltjes van het Groningerland. 16 telt de provincie er nog. Mooi, maar een fractie van ooit natuurlijk. Tot omstreeks de 16de eeuw telde het welgestelde deel van Groningen minstens 400 steenhuizen. Voor veel daarvan viel gaandeweg het doek, als gevolg van oorlogsgeweld (de Tachtigjarige Oorlog) en wateroverlast (de ligging aan zee eiste offers), andere huizen legden het eenvoudig af tegen de tand des tijds. Maar een aantal hield de gevel gelukkig recht en werd succesvol verbouwd tot borg, een comfortabel buitenhuis voor adellijke families. Ze groeiden uit tot de kastelen van het noorden: kapitale burchten met verdedigbare torens en meerdere woonlagen, veelal voorzien van riante boomgaarden en tuinen, veilig gesitueerd achter hun ophaalbruggen. De borgen behoren tot de exclusieve nalatenschap van schat-hemelrijk Groningen. 

Een borg “aan zee”

We beginnen onze eigen borgentour in het Westerkwartier, het oudste cultuurlandschap van Europa: de streek Middag-Humsterland heeft een geschiedenis die 2500 jaar teruggaat. Boerengrasland op zware kleigrond, kronkelende watertjes en laagtes in het land die nog een woelig verleden aan de Lauwerszee verraden. Tussen de voormalige schiereilanden Middag en Humsterland liggen nu nog de dichtgeslibde wadgeulen die duidelijk te zien zijn. Deze streek ligt bezaaid met wierden. Terpen, zeggen de Friezen. Kunstmatig aangelegde woonheuvels waar de bevolking op veilige hoogte van zee kon leven en werken. 

Dit is ook het domein van Dick en Hilda Soek, sinds enkele jaren de trotse rentmeesters van de Borg Piloersema of Hamsterborg. Een plaatje. Schroom vooral niet voor de oprijlaan aan de Sietse Veldstraweg in Den Ham. Achter frisgeel geverfde zuilen wacht de laatste boerderijborg van de provincie. Wees welkom; de auto mag op de ruime parkeerplaats. Een bezoek aan tuinen en borg is voorbehouden aan betalende gasten van het hotel-restaurant, maar de singel is vrij toegankelijk voor wandelaars en nodigt uit tot een ommetje sightseeing. Met op elke hoek een zitje. Uit de klauwen gegroeide knotwilgen omzomen een dromerige tuin met fruitgaard; een koepel voor de thee en een blauwe boerenkar vormen romantische stillevens. Je kunt wel zien waar de kunstschilders van De Ploeg hun inspiratie vonden.

In de gevels zijn eerste en latere steenleggingen vermeld. Te beginnen in 1633 toen Johan de Mepsche de huidige borg liet bouwen. Het was zijn grootvader (ook Johan), lid van de Ommelander adel, die het oorspronkelijke huis had geërfd en bewoond. Namen van latere kopers staan verderop in steen gehouwen: Jacobs Bos en Scholtens. Zij maakten er begin 18de eeuw een “gewone” boerderij van. Ook vandaag de dag nog scharrelen geitjes en kippen, ganzen en schapen rond en kunnen er paarden gestald worden, ook van hotelgasten.

Ezinge

 

Schilderachtig Ezinge

Zo’n tien minuutjes rijden van Den Ham ligt Ezinge. Een schilderachtig plekje en met recht beschermd dorpsgezicht. De 13de-eeuwse kerk met haar losstaande toren pronkt bezoekers al van ver tegemoet en staat als het ware in de etalage op de wierde. Ezinge was het hoofddorp op het voormalige eiland Middag. Een plaatsje bol van historie dus; in de jaren twintig van de vorige eeuw zijn ook uitzonderlijke opgravingen gedaan door een archeoloog van de Rijksuniversiteit Groningen. Wie daar meer van wil weten blijft nog wat in de dorpskern hangen. De verhalen over de landschapscultuur in dit noordelijke waddenkustgebied komen tot leven in de collectie van Museum Wierdenland (Van Swinderenweg 10). 

Wij buigen af. De Allersmaweg op, die als één lange oprijlaan richting eindbestemming slingert. De
Allersmaborg. De “heerd” (haard, stookplaats) ligt als een pronkjuweel verborgen achter het aaneengesloten front van bomen. ’s Zomers volledig aan het zicht onttrokken, nu piept het prachtige landhuis al wat tussen de takken door. Ook hier voldoende parkeergelegenheid én gastvrije beheerders. Marcel de Boer en Monique van Gelder van Beijk Catering hebben nog maar net het stokje overgenomen en zijn nu al zwaar verkikkerd op hun werk- en woonstek. Gedeeld erfgoed. De borg is eigendom van Staatsbosbeheer en in erfpacht bij de Rijksuniversiteit Groningen. Het alumnihuis van de universiteit telt 25 slaapplaatsen en wordt ingezet als Summerschool, voor seminars en gastbezoeken van buitenlandse studenten. 

Logeren? Dat kan. De nevengelegen Bed & Breakfast in het voormalig klerkenhuis (de notaris zelf woonde in de borg, z’n klerk ernaast) is net klaar voor gebruik. Een volledig ingericht appartement, van alle comfort voorzien. Allersmaborg is een geliefde trouwlocatie – het prieeltje waar volgend jaar weer druivenranken klimmen is favoriet voor de fotoshoot van het bruidspaar – en passanten op de fiets mogen hun boterhammetje best hier in de tuin opeten. ‘Appeltje mee voor de dorst?’ paait Marcel het tweetal dat na de lunch weer op de pedalen stapt. Daar zeggen ze geen nee tegen.

De borg wordt gekenmerkt door met zorg gestileerde vertrekken, elk hun eigen kleur. Kleuren die een periode in de geschiedenis markeren. Het onderkelderde achterhuis is het oudste deel en herbergt de keuken. Misschien wel de gezelligste plek van het huis. Let op het afstapje! Door de eeuwen en duizenden, vele duizenden voetstappen gedeukte treden. Check buiten ook de reusachtige duiventil. Een element dat je vaker aantreft voor deftige landhuizen en havezaten. Marcel de Boer weet waarom. Het oprichten van een duiventil was een “heerlijk recht”, voorbehouden aan grootgrondbezitters die vaak duivenvlees op het menu hadden staan: ‘Door de valdeurtjes konden duiven wel naar binnen, maar niet meer uitvliegen. Zo werden ze gevangen en voor consumptie gebruikt.’ 

Een oeroud appeltje

Wandel nog rustig wat. Geniet van de grandeur, het natuurlijke decor en zijn stamgasten. Allersmaborg is rijk aan broedvogels. Gekraagde roodstaart, grauwe vliegenvanger. Een trouwe kolonie roeken. En de stinsenflora doet het hier goed, wat dacht je. Wilde hyacint, sneeuwklokje. De winterakoniet (een vroege bloeier) voelt zich ook bij uitstek thuis rond voorname huizen als deze. En binnen de grachten van het complex ligt alweer zo’n bijzondere boomgaard. Halfhoogstam, met de Schuttersreinet. Een oeroud ras dat van rond 1500 dateert en leek uitgestorven, tot het appeltje hier op Allersma werd teruggevonden. 

Verder trekken we, door het landschap van bochtige wegen en kromme slootjes, van wierden en onvermoede dijkjes. Zoals het exemplaar dat ter hoogte van het gehucht Roodehaan opduikt, een zogenaamde “slaperdijk”, slim voor als het zeewater oprukte. Er zit zelfs nog een coupure in die bij hoog water kon worden afgesloten. Bijna op de rand van Nederland, in het Werelderfgoed Waddenzee, rijden we Pieterburen binnen. Een dorp dat drijft op een mix van zeehondenfans en wadlopers.

 Loop even binnen bij Buitenplaats Noordkust, het bezoekerscentrum, en dwaal door Domies Toen, de oude pastorietuin.

De borg van Pieterburen, het Dijksterhuis, bestaat niet meer. Alleen het schathuis, ofwel de veestal (eind 19de eeuw) aan de Wierhuisterweg staat nog overeind maar hoort bij de boerderij in bedrijf. Dus niet bedoeld voor bezichtiging. Wél een bolwerk van spanning en sensatie. Dit “Huis ten Dijke” dankt zijn naam natuurlijk aan de bijzondere locatie aan zee. Als steenhuis op een buitendijkse zandplaat wordt de borg al in 1371 vermeld. De oudst bekende bewoners werden verdacht van piraterij. En dan waart nog dat andere, duistere verhaal rond over “het zwarte spook van Pieterburen”. Een dienstknecht zou hier ooit een meisje hebben vermoord en voor die daad zijn onthoofd.

Ekenstein

 

Een groene slotgracht

Hoog tijd om gezelliger oorden op te zoeken. Op onze route richting Warffum passeren we alweer een dijkrestant, in de wegberm tussen Den Andel en Westernieland. Vlak dat bescheiden “bultje” niet uit; ooit maakte het deel uit van een robuuste zeewering, onderdeel van het allereerste dijkstelsel dat Noord-Groningen moest beschermen tegen het wassende water. Cultuur snuif je hier in openluchtmuseum Het Hoogeland of buiten natuurlijk, rondom Breedenborg, waar wilde eenden sporen trekken door het groene kroos. De weg naar dit exclusieve conferentieoord lijkt diepgroen geplaveid, maar het is water. De oude slotgracht is nog volledig intact. De kelder van het blokvormige complex dateert uit de 16de eeuw en het smeedijzeren toegangshek met daarin de familie-wapens van Sickinghe en Van Berum is 18de eeuws, maar de rest veel jonger. Na een verwoestende brand werd de borg nog zeer recent, in 1992 opnieuw in oude stijl opgetrokken. Prima locatie voor besloten feesten, partijen en congressen.

Ontoegankelijk voor toevallige passanten en andere, nieuwsgierige Aagjes is de Tichelborg Rusthoven (anno 1686), even buiten Wirdum. Johan Eeck, burgemeester van de stad Groningen, zou opdracht voor de bouw hebben gegeven. De woonborg, opgetrokken van tichels (speciaal soort baksteen) kende vervolgens een lange rij van families. Steenfabrikant Sissingh was er een van. Hij liet rond 1800 een steenfabriek bouwen naast de borg. Intussen is de borg gerestaureerd en als woonhuis in gebruik, de fabriek gesloopt.

Aanschuiven op Ekenstein

Toch van buiten spieken? Pak dan de fiets of wandel over het toeristisch-recreatieve pad dat Rusthoven heel praktisch verbindt met het er naast gelegen Ekenstein. Een prachtig landgoed met hotel-restaurant dat in alle opzichten wél openstaat voor gasten van uiteenlopend pluimage. Die genieten hier – buiten zolang het kan, maar binnen zitten is geen straf! – van koffie met appeltaart of een culinaire lunch in de authentieke ridderzaal. De klassieke keuken krijgt een eervolle vermelding in de Michelingids, dus wie aanschuift voelt zich al vanzelf een beetje jonker of freule. 

Het was dokter Johan Eeck, vader van eerder genoemde burgemeester, die deze borg in 1648 liet bouwen. Een weelderig landhuis met boerderij aan het Damsterdiep, onder de rook van historisch Appingedam. Die boerderij is het huidige Schathoes, ook een monumentaal pand op hetzelfde terrein. Nu een sfeervolle ambiance met zaalruimte voor feest, receptie of congres. Het park met z’n slingerpaadjes - in 1827 aangelegd door de beroemde landschapsarchitect Roodbaard – leent zich bij uitstek voor een frisse wandeling. Goed voor de spijsvertering ook.