Liefdevolle aandacht voor dementerenden

Dit artikel verscheen in Noorderland 2016-1. 

Tekst: Jolanda de Kruyf en Gert Tabak | Fotografie: Gert Tabak

Mevrouw J. (85) bijt bedenkelijk op haar lip. De doorleefde damestas waarmee haar greep vergroeid lijkt, is op een paar zakdoeken na leeg. Maar hij biedt houvast in de mist van haar leven. ‘Ik moet nu echt naar huis,’ piept ze tegen niemand in het bijzonder, ‘anders worden mijn vader en moeder ongerust.’ Iemand legt een hand op haar schouder. ‘Kom,’ zegt de zuster, ‘dan doen we eerst nog een spelletje samen’ en ze loodst mevrouw J. tactvol richting sjoelbak waar al meer bewoners omheen zitten. Ineens licht haar hele gezicht weer op: ‘Mag ik ook meedoen?’ Liefdevolle afleiding. Het werkt als een toverkruid in de huiskamers van Woonzorgcentrum Westerpoort. 

Welkom in de wereld van de dementerende mens. Verdwaald in een vervreemde maatschappij. Die is hier gelukkig weer een beetje thuis. Daar doen ze alles aan, in Woonzorgcentrum Westerpoort in Franeker, een van de locaties van de Friese zorginstelling Noorderbreedte. Het in 2014 geopende huis voor kleinschalig wonen voor dementerende mensen is gevestigd in het 15de-eeuws Kruisherenklooster aan een gracht in de binnenstad, waar ook de voormalige universiteit van Franeker in gehuisvest was. Hier wordt, in zes intieme huiskamers, op een bijzondere manier gewerkt, gewoond en geleefd met mensen die door hun ziekte steeds meer vergeten. Ze staan in de kantlijn van het leven, zijn de draad kwijtgeraakt en voelen zich vaak onbegrepen. Maar de juiste omgeving, aandacht en begeleiding maken dat deze mensen zich weer op hun gemak voelen. En dat geldt ook voor de familie, die de continue-zorg van hun dierbare hier aan liefdevolle verzorgers toevertrouwt. 

De sfeer van nostalgie

De gesloten afdeling voorkomt dat bewoners gaan dwalen, toch is de atmosfeer open. Locatiemanager Simmie Koekkoek-Wedman toetst een code in en dan loop je zo, via de tuin met buxushaagjes de nieuwe uitbouw van het complex in. Daar worden bezoekers aangenaam verrast door de nostalgische sfeer. Gezellige ruimtes die zo lijken te zijn weggelopen uit de tv-serie Toen was geluk heel gewoon. Tot in de kleinste details is een jaren 40 inrichting gerealiseerd. Stoelen, tafels, gordijnen, behang, zelfs de koffie- en theekopjes zijn “van toen”. En dat is niet omdat interieurontwerpster José Schildkamp van retro en vintage houdt, maar omdat de bewoners zich in deze ambiance vertrouwd en thuis voelen. ‘Hun geheugen is aan het wegvagen,’ legt Simmie uit, ‘maar situaties en dingen van vroeger zijn wél herkenbaar. Dus daar maken we gebruik van.’ De rust is gemoedelijk. Een man zit in gedachten verzonken aan tafel, terwijl zijn buurvrouw een boterham belegt. Op de bank zit een dame wat te lezen en er wordt een legpuzzel gemaakt. Anderen genieten van hun kop koffie. 

Het concept is bedacht door dokter Anneke van der Plaats, een – inmiddels gepensioneerde – specialist ouderenzorg. Dementiedeskundige Jos Cuijten heeft haar gedachtengoed op deze locatie vertaald in praktische, toepasbare “omgevingszorg”. Bijvoorbeeld over wat je wel en juist niet moet doen als je met dementerenden omgaat; en zo kom je ook op een woninginrichting die aansluit bij wat mensen nog wel herkennen en begrijpen. Daarnaast leert Cuijten de medewerkers van Westerpoort hoe ze kunnen reageren op mensen met dementie. Stelregel één: stel hen altijd gerust, zorg dat ze niet het gevoel krijgen dat ze falen in wat ze zeggen of doen. ‘Beter is het om af te stemmen op de mogelijkheden die er nog wel zijn,’ stelt Cuijten. ‘Die benadering maakt dat mensen met dementie beter kunnen functioneren. Belangrijk is ook om de juiste prikkel op het juiste moment én op de juiste plek aan te bieden.’ Koffiedrinken is een simpel voorbeeld. ‘Je biedt de sfeer van koffiedrinken aan, niets anders. Dus geen mensen die in en uit lopen, geen radio aan of huiskamerdeur open. Dit zijn allemaal afleidende prikkels waardoor mensen met dementie zich niet kunnen focussen.’ 

Ouderwetse zwarte toiletbrillen

Deze omgeving vraagt om heldere structuren, om duidelijke tijdstippen voor de dingen van de dag. Consequent zijn is heel belangrijk. Maar boven alles staat de belevingswereld van bewoners centraal in deze huiskamers. Simmie, een gepassioneerde vrouw die haar medewerkers graag inspireert, zegt: ‘Bij dementerende ouderen gaat het geheugenverlies vaak ook samen met slecht zien en horen, voortdurend zijn ze gedesoriënteerd en zeer gevoelig voor prikkels. Met die wetenschap maak je bewuste keuzes, juist in je interieur.’ Daarom zijn de wanden blauwgrijs, groen en oker; kleuren van vroeger waarin de witte deuren naar de eigen slaapkamers van bewoners juist goed opvallen. Deuren waar zij geen gebruik van maken gaan op in de muurtint en vallen min of meer weg in het beeld. 

De herkenbaarheid zit ‘m soms in kleine dingen. Het sanitair is wit en de toiletbrillen zijn zwart zoals vroeger. Er liggen geen grote zwarte inloopmatten voor de deur, omdat die de illusie geven van “een diep gat”. Ook is er bewust niet voor vitrage gekozen, zodat de buitenwereld binnenkomt. ‘Er is van alles te zien. Dat geeft levensprikkels.’ Er staan ouderwetse kamerplanten in bloempotten voor de ramen. Deze sfeer van weleer geeft de bewoners een gevoel van herkenning. ‘Dat schept veiligheid.’

Veiligheid verdrijft de gevoelens van onrust waar veel dementerenden mee worstelen. Mona Hoekstra ervaart dat zelf ook als ze hier haar 93-jarige oma bezoekt. ‘Ze zit in een knusse leefomgeving, samen met anderen en er is ook een eigen keuken waar elke dag gekookt wordt. Heerlijk toch?’ Die keuken speelt een hoofdrol. Daar waaieren weer de geuren van het verleden, van gerechten uit een jeugd die bewoners vaak nog wél helder voor de geest staat. ‘Aardappels met jus, groente en een gehaktbal,’ lacht Mona. ‘En oma mag zelf meehelpen als ze wil. Met aardappels schillen, afwassen na het eten of ze doen samen boodschappen.’ Ook deze kleindochter voelt zich thuis in Westerpoort. ‘Als ik zin heb in een kopje koffie dan schenk ik het lekker zelf in.’ Ze heeft diep respect voor het personeel en de vrijwilligers die groeps- en individuele activiteiten verzorgen, spelletjes doen, voorlezen, mooie herinneringen ophalen. ‘Zodra ik stop met mijn eigen zaak word ik zeker ook vrijwilliger.’  

Dementerende blijft meer mens

Omgevingszorg. De aanpak blijkt niet alleen heilzaam voor bewoners, ook de verzorgenden voelen zich er prettig bij. Jos Cuijten, die het team van Westerpoort begeleidde, zegt: ‘Veel tips uit onze training worden hier omgezet in de dagelijkse praktijk. Voor personeel is het soms ontroerend om te ervaren dat er meer écht contact ontstaat met een bewoner.’ Het zijn helden, wat Cuijten betreft, ‘die kanjers in de zorg doen hun stinkende best.’ De essentie van omgaan met dementie is volgens haar “dat gezonde hersenen proberen te begrijpen wat het beschadigde brein beleeft”. ‘Dat vergt veel meer dan alleen mensen naar bed en naar de wc   brengen. De verzorgenden ervaren dat zelf ook; dementerenden blijven meer mens. En dat geeft natuurlijk aan beide kanten veel meer voldoening.’

‘Het is mooi om te horen dat een gezonde partner ontroerd raakt als hij ziet dat zijn dementerende vrouw rustig wordt door onze manier van werken. Door de wijze waarop de verzorger met zijn vrouw omgaat,’ vervolgt Cuijten. ‘Soms zit die aandacht in een klein gebaar met groots effect. Even naast iemand gaan zitten die zich onrustig voelt, een hand vastpakken. Er gewoon zijn voor de ander.’ Absolute don’ts: ‘Mensen tegenspreken, steeds – je eigen – oplossingen aandragen of iemands zinnen afmaken. Zorg liever dat je echt luistert en oogcontact maakt. Dan voelen mensen zich beter begrepen. Al doende leert men,' zegt Cuijten. Zij zag een klein, maar treffend voorbeeld tijdens haar observatie: ‘Een bewoner vroeg om een stukje keukenrol. De verzorgende gaf haar papieren zakdoekjes. Mevrouw verstopte ze in haar stoel en ging op zoek naar keukenrol. In de keuken dacht ze het gevonden te hebben. Ze pakte het vast maar dat was te hard. Het bleek een witte waterkoker te zijn. Met de minuut nam de onrust toe. Waarom gaven we haar geen keukenrol? Omdat je neus snuiten met een zakdoekje gebeurt. Maar wie zegt dat ze haar neus wilde snuiten? Misschien had ze wel geknoeid en wilde ze wat schoonmaken. Kortom, wij hadden het plaatje al voor haar ingevuld, zonder door te vragen.’   

Prentenboek vol herinneringen

De mens denkt in beelden. Herinneringen worden opgeslagen in een eindeloze reeks fragmenten. En zo is het geheugen feitelijk één dik prentenboek van ons leven, vol beelden, gevoelens, geuren, automatische taal- en bewegingspatronen. ‘Beelden zijn nodig om dingen te herkennen,’ zegt Cuijten, ‘waardoor de beweging automatisch volgt. Maar bij dementerenden vervagen de laatst binnengekomen beelden het eerst. Er komen geen nieuwe bij.’ Dat verklaart waarom nieuwerwetse meubels vaak niet worden herkend en iemand resoluut kan weigeren op een moderne stoel te gaan zitten. ‘Want bij “stoel” hoort een ander beeld, die stoel van vroeger.’ 

Het is woensdagochtend. Dus “heel Westerpoort bakt”. Dat is vaste prik: recepten uitproberen, samen smikkelen van én praten over de baksels van vroeger. Dan buitelen de anekdotes als vanouds over tafel en herleeft het verleden. Verhalen over zoet en hartig, van lief en leed. Anky de Bruine herinnert zich de mooiste verhalen. Haar schoonmoeder heeft maar kort in Westerpoort gewoond, maar genoot er op haar manier toch van een leven op maat. ‘Het voelde als thuis. We hadden fijn contact met de andere bewoners en met het personeel. Ik kwam er elke dag en ook de kleinkinderen kwamen vaak bij oma. We gingen met haar wandelen en dronken dan soms een wijntje op een terrasje in Franeker. Een wijnglas kon mijn schoonmoeder niet meer goed hanteren, maar de bediening van het restaurant speelde daar goed op in door haar wijn in een longdrinkglas te schenken. Zo lief.’ Anky voelt zich dankbaar: ‘Hier was ze de rust zelve. Ja, we hebben nog een heerlijke tijd met elkaar gehad.’