De bevlogen missie van de bronsgieter

Dit artikel verscheen in Noorderland 2018-7.

Tekst: Jolanda de Kruyf | Beeld: Gert Tabak

Opgepast: dit is het domein van krachtpatsers en vuurvreters. Van hun ambachtelijke werk vliegen letterlijk de vonken af. Een gietdag geeft altijd gezonde spanning, zelfs bij de routiniers van Ateliers MTW in Groningen. Vijf minuten duurt het, hooguit, tot de loeihete legering z’n lotsbestemming vindt. Maar het is de climax van een lang, zorgvuldig voorspel.

De Machtige is gevloerd. Floor Wibaut, geroemd zakenman, politicus en een van de grondleggers van de sociale woningbouw in Nederland ligt met z’n volle manslengte op de werkvloer aan de Osloweg. Straks zal zijn indrukwekkende gestalte een nieuwe sokkel sieren: een waar erepodium in hartje Amsterdam, opgetrokken van bronzen “stenen”. Alles bij elkaar een object van een slordige 1000 kilo, schat Ieme Boomsma (65). Zijn Ateliers MTW (voorheen Museumtechnische Werken) kreeg de eervolle opdracht van de gemeente Amsterdam. Met zo’n missie op zak gaan ze hier, in nauwe samenspraak met kunstenaar Hans van Houwelingen die de sokkel ontwierp, ook echt all the way. Dat betekent – simpel gezegd – het kraanverhuurbedrijf inschakelen, Wibaut uit de hoofdstad halen, in Groningen een bronzen sokkel maken en het geheel – want beeld en draagconstructie moeten perfect matchen - terugplaatsen op z’n nieuwe locatie. Ach, ze hebben hier wel eens voor hetere vuren gestaan.

Onmisbare radertjes

Even voorstellen: directeur Ieme Boomsma. Nou niet het type manager voor achter de burelen. Zo’n man die zich juist prima thuis voelt op de werkvloer, of in de kantine, tussen zijn jongens en meiden. Loopt, als het even kan, tot laat in het najaar in korte broek rond in zijn eigen laboratorium. Want zo zou je dit ambachtsbedrijf best kunnen omschrijven; in elk afzonderlijk vertrek wordt minutieus gewerkt aan een piepklein maar onmisbaar radertje. Onderdelen van dat hele arbeidsintensieve proces. Kunststof replica’s van museale voorwerpen en kleine, maar ook imposante bronzen beelden krijgen hier, na eindeloos smeren, boetseren, kneden, verven, hakken, schaven of slijpen hun eindvorm. Daar komen tig paar vaardige handen en getrainde ogen aan te pas.

Het zijn juist die handen en ogen die Ateliers MTW tot een unieke speler in de business maken, en van Ieme Boomsma een man die mens en materiaal weet samen te smeden tot natuurlijke twee-eenheid. Want het produceren van kwalitatief hoogwaardige producten mag voorop staan in Groningen, wél onder eigen condities: met gepassioneerde medewerkers die hier deelnemers heten. 

Je leven weer op poten krijgen

Op het bedrijventerrein Groothandelscentrum mogen deelnemers onder deskundige regie van een achttal werkbegeleiders hun eigen kwaliteiten ontdekken en ontwikkelen, onderweg naar re-integratie. Mensen die graag actief bezig zijn of wel betaald werk wíllen uitoefenen, maar daar vanwege uiteenlopende psychische problemen (nog) niet toe in staat zijn, maken een nieuwe start bij Ateliers MTW. Ze spelen weer een rol van betekenis in de samenleving.

Zestig tot zeventig deelnemers lopen er gemiddeld genomen rond in een jaar; de een kan misschien net twee dagdelen aan, een ander meldt zich elke dag. ‘Maar dat maakt niet uit,’ zegt Ieme, ‘je komt weer in een arbeidsritme, leert gedisciplineerd en netjes te werken. Je krijgt je leven weer op poten. Dit is een opstapje naar een nieuw leven. Vergeet niet; er is vaak al veel geprobeerd, dit is voor veel van onze deelnemers een laatste kans.’   

Mens en materiaal. Voor Ieme Boomsma en mededirecteur Willy Warnar zijn ze onlosmakelijk verbonden. De twee leerden elkaar ‘een jaar of 40 geleden’ kennen, als arbeidstherapeuten bij psychiatrisch ziekenhuis Dennenoord in Zuidlaren. ‘We hadden allebei een technische achtergrond. Ik had werktuigbouwkunde gedaan aan de mts, maar na een paar jaar in de metaalindustrie wist ik: een leven lang tussen overalls en ruige taal, nee da’s niks voor mij.’ De baan bij Dennenoord kwam als geroepen, Ieme rolde er in een technische functie en deed tussen de bedrijven door de huisopleiding. ‘Zo leerde ik de hulpverlening intern.’

Replica’s van oerleven

Geïnspireerd geraakt door een bevlogen collega uit Amsterdam sloegen Ieme en Willy aan het pionieren in Drenthe. Ze kregen de middelen en mogelijkheden om binnen Dennenoord een eigen afdeling op te zetten voor werkmatig gerichte arbeidstherapie, onder de noemer Museumtechnische Werken. Onder hun bezielde leiding bekwaamden (ex)patiënten van de instelling zich er met succes in het vervaardigen van onder meer replica’s van schedels en botten van lang uitgestorven oermensen en prehistorische diersoorten. ‘We lieten de evolutie van de mens zien,’ memoreert Ieme. Van originele fossielen maakten ze afgietsels van kunststof, zo authentiek beschilderd dat kopieën niet van echt te onderscheiden waren. 

Het nieuws over een voor het Noorder Dierenpark in Emmen gemaakte mammoetschedel sijpelde al snel de wereld over en bereikte kenners die wild-enthousiast waren. Bestellingen van gerenommeerde musea worldwide rolden binnen. Zo vloog een dubbelganger van de Emmense schedel naar Taiwan, voor het National Museum of Natural Science. Diezelfde Aziatische opdrachtgever liet ook replica’s verschepen van een schedel van een triceratops (een vegetarische dino die 70 miljoen jaar geleden leefde) en van een tyrannosaurus rex; de roofzuchtiger tijdgenoot die we uit Jurassic Park kennen. 

Van hobbyman tot bronsgigant

Kopieën van deze kolossen pronken nu in de ontvangst- annex expositieruimte van Ateliers MTW. Het zijn iconen uit de begintijd, ‘toen we nog jonge honden waren,’ lacht Ieme. Toen werd de basis gelegd voor het huidige bedrijf dat in 1989 zelfstandig verder ging aan de Vechtstraat in Groningen. De basis bleef: bijzondere stukken gemaakt door bijzondere mensen. Eerst alleen in kunststof. Tot Ieme op Academie Minerva kennismaakte met het bronsgieten en op slag verliefd raakte op dat metier. ‘Het begon heel klein als hobby, thuis op de oprit, in de garage.’

Na een poosje experimenteren kwam er een naburig pandje bij voor de eigen gieterij en pendelde het team tussen twee locaties. ‘Op een gegeven moment zag je gewoon een spoor van witte gipslaarzen lopen tussen de Vechtstraat en de Barestraat. We maakten zúlke grote beelden, die pasten er gewoon niet meer rechtop.’ De tijd was rijp voor een meer volwassen werkplek. Sinds 2009 zit Ateliers MTW onder één dak aan de Osloweg waar qua formaat beeld the sky the limit is, nog maar sporadisch voor musea maar hoofdzakelijk in opdracht van (inter)nationale kunstenaars wordt gewerkt. In brons veelal. Dikwijls ver van huis, vaak ook in Noorderland. Zo staat al één van de zeven Froulju fan Fryslân gegoten en in de wacht, voor de eregalerij van Friezinnen die een permanente plek krijgt in het centrum van Leeuwarden. 

De apotheose: het gieten

Terug naar de gieterij. Eindstation van een serie stappen. Van mallen maken, werken met vloeibare was en siliconenrubber, met kneedepoxy, met delen gips en chamotte, met mortel. ‘Techniek en mens moeten in balans zijn, dat is bij ons de uitdaging. Het mooie van dit werk? Het ambachtelijke, de vele aspecten. Deelnemers moeten altijd schoon, netjes en zorgvuldig werken, maar hoeven niet dat hele proces te leren; iedereen heeft z’n eigen schakeltje.’ Het eigenlijke gieten is maar een moment in dat proces. De apotheose van een lange reeks handelingen.

Dat zijn bijzondere dagen bij Ateliers MTW, altijd weer. Als de gietvormen zijn uitgestookt, de was eruit gebrand is en de mal kurkdroog gaat de grote oven aan. De bronzen “broodjes” worden in hun kroes opgewarmd tot 1170 graden Celsius. Als dat punt is bereikt, is de legering zo gloeiend heet dat-ie haast doorzichtig lijkt. De kroes gaat in een draagring (de lummel) in een hijskraan en wordt in de klaar staande vormen uitgegoten. ‘Dan moeten we snel werken, brons koelt heel snel af.’ Met minimaal vier zijn ze, altijd. Veiligheid voor alles. Dus dan zul je Ieme nooit in korte broek zien: dit is een secuur karwei, uitgevoerd in beschermende pakken, met helmen en koolstofmaskers op. ‘Echt routine wordt het nooit,’ zegt hij, ‘het gieten blijft spannend omdat het er in korte tijd echt op aan komt. Ja, dan jaagt de adrenaline wel even door je lijf.’

Maar moet Ieme zo zoetjes aan niet met pensioen? Hij schudt van nee. ‘Ik werk tot m’n 70ste door, heb nog geen geschikte opvolger.’ Een gedegen technische achtergrond is een absolute pré, net als nieuwsgierigheid. ‘Om nieuwe dingen uit te vinden, maar ook: benieuwd blijven naar mensen.’ De zoektocht wordt vervolgd.

ateliersmtw.nl