Veestapel

Tekst: Mat Heffels | Foto: iStock

Mat Heffels is bladenmaker, schrijver en chroniqueur, is getrouwd en heeft een dochter en een zoon die niet meer thuis wonen. De (3!) katten, het hondje en de kippen nog wel. Zou graag van een rustig pensioen genieten, maar er komt altijd iets tussen...

En toen was er nog maar één. Drieka. Dat was zielig. Hartverscheurend stond ze aan de ren te kukelen hoezeer ze nummer voorlaatst, Salmonella, miste. Als ik naar buiten kwam nog een tandje bijzetten. Het heengaan van Salmonella was natuurlijk niet geheel onverwacht. Die vertoonde de laatste tijd wel vaker kuren. Soms ook gewoon aanstellerij. Dat ze op apegapen lag met de pootjes wijdbeens en vreemde geluiden maken, dat ik toen al met de handbijl aankwam ‘om iemand uit zijn lijden te verlossen’ en dat ze toen prompt overeind kwam en rond ging rennen. Ik verzin dit niet, de buurvrouw was er bij. Maar nu was ze echt dood; pal onder haar vaste plek op stok, pootjes keurig naast elkaar omhoog. Zo gaan kippen meestal.

Zo ging het overigens niet met op-twee-na-de-laatste. Dat was een jonge blondine, gekregen van de buurman vanwege overcompleet *), en niet de slimste. Ik had de hond – ja, ja, die is er ook nog – net geleerd dat kippen vrienden zijn en geen speelgoed om te apporteren, dus de kippen konden weer los in de tuin. Altijd leuk decoratief plattelands vind ik. Maar dan moet je je als kip natuurlijk niet gaan aanstellen, de aandacht trekken of anderszins de kat op het spek binden. Blondje Zonder Naam schrok toen de hond even vriendelijk kwam snuffelen, gaf een kukeltje en fladderde koket met de vleugeltjes. ‘Die wil spelen,’ dacht de hond daarop natuurlijk en hapte voor de grap in de staart van de kip. Waarschijnlijk door de blinde paniek kwamen er onvermoede vliegkrachten vrij bij Blondie. In één machtige beweging over anderhalve meter hek naar de buren. ‘Veilig,’ moet ze heel even gedacht hebben voordat ze oog in oog kwam met de nieuwe, nogal fors uitgevallen labradoedel van de achterburen, die overigens geen vlieg kwaad zal doen. Hartverlammminkje. Ik ben nog bij de achterbuurvrouw door de struiken gekropen om het lijkje op te halen.

'Zo gaan kippen meestal'

Ik overmijmerde dit alles wikkend en wegend bij een jammerend eenzame Drieka. Als er een moment was om de kippenhobby te beëindigen, was dat nu. Een enkele kip krijg je nog wel weg-geadopteerd. En anders moest het kippenhok wel weer of nog steeds wat restauratiewerkzaamheden verdragen. Aan de andere kant, het binnenhok is droog, buiten hebben ze een storm- en windvrije abri en een ruime buizerd- en vosvrije ren. Er zijn kippen die het minder hebben.

Overlegd met de buurman en dat had ik net zo goed niet kunnen doen. Het is buurman-nooit-genoeg. Qua kippen. Toevallig heeft hij zelf ook net een sterfgeval, dus hij wil wel twee nieuwe kippen en misschien wel drie, omdat je maar nooit weet. Juist vanwege deze bijzondere manier van tellen, staat hij onder curatele van buurvrouw-genoeg-is-genoeg *). Omdat hij het idee krijgt dat hij zich achter mij kan verschuilen, zijn we al onderweg naar Tollebeek (NOP), waar sinds jaar en dag onze kippen vandaan komen, voordat ik het idee van adoptie voor Drieka überhaupt heb kunnen opperen. Halverwege zijn we het bijna eens over het aantal aan te schaffen kippen. Ik wil er vijf en hij twee of drie, maar zij gaan eerst nog drie weken op vakantie en die van hem moeten dan zolang bij mij logeren, ‘dat is toch zeker geen probleem?’

Ik was er vlakbij, een kiploos bestaan. Op die plek had misschien een vijvertje gekund. En nu heb ik weer de zorg over tien nieuwe kippen, én Drieka. Het is in Tollebeek niet helemaal goed gegaan met tellen. De oude pikt de kleintjes. Gisteren heb ik ze een voor een het nachthok ingeduwd om te verkennen, maar vannacht hebben ze weer allemaal buiten moeten slapen omdat die dikke de ingang blokkeert.

En buurman is lekker op vakantie. 

Deze column verscheen in Noorderland, 2018-7. Je bestelt 'm hier