1. Regenwater opvangen: een goede en gratis bron
Kraanwater is kostbaar en bevat vaak kalk en mineralen die niet voor elke plant goed zijn. Regenwater is daarentegen zacht, gratis en direct klaar voor gebruik. Door een regenton of een opvangsysteem aan te sluiten op de regenpijp zorg je voor een eigen buffer tijdens droge periodes.
Tip voor zo schoon mogelijk regenwater: dek de ton altijd goed af met een deksel of een fijnmazig gaasfilter. Hiermee voorkom je dat muggen er hun eitjes leggen – en je een muggenplaag in de tuin krijgt – en dat vallende bladeren het water vervuilen.
2. Bodemverbetering: maak van de bodem een spons
De sleutel tot een droogtebestendige tuin ligt eigenlijk onder de grond. Zandgronden laten water te snel door, terwijl kleigronden bij droogte hard en haast ondoordringbaar kunnen worden.
Door een beetje compost door de bodem te mengen, verander je de structuur van de grond: compost absorbeert het regenwater en houdt het vocht beter vast. Hierdoor hoef je minder vaak te gieten.
Verspreid daarom in het voor- of najaar een laagje compost over de borders. Combineer dit bij voorkeur met een mulchlaag van bijvoorbeeld houtsnippers of gemaaid gras om verdamping door de zon tegen te gaan en de bodem koel te houden.
3. Timing is alles: geef water met beleid
Wanneer je water geeft is minstens zo belangrijk als hoeveel je geeft. Midden op de dag water geven is zonde van de moeite en het water; een groot deel verdampt door de hitte voordat het de wortels bereikt. Daarnaast kunnen natte bladeren in de felle zon verbranden.
De vroege ochtend, voor of rond zonsopgang, is het ideale moment. De lucht is dan nog koel en er staat meestal weinig wind, waardoor het water rustig in de bodem kan trekken.
Bovendien drogen de bladeren daarna snel op, wat de kans op schimmels verkleint. Mocht je niet zo'n ochtendmens zijn, kies dan voor de late avondschemering en giet het water direct bij de voet van de plant.
Onthoud deze gouden regel: geef liever één keer veel water, dan vaak een beetje. Door planten elke dag een klein scheutje water te geven, stimuleer je oppervlakkige wortelgroei. De plant wordt hier "lui" van. Geef in plaats daarvan één of twee keer per week een flinke plons. Dit stimuleert de wortels om dieper de grond in te groeien. Zo wordt je tuin op de lange termijn veel zelfredzamer.