Ingrediënten voor 3 glaasjes:
- 180 milliliter verse slagroom
- 100 gram monchou
- 80 gram bastognekoekjes + 2 à 3 extra koekjes ter garnering
- 30 gram gesmolten roomboter
- 3 verse kersen ter garnering
- 3 eetlepels kersenvlaaivulling
- 2 eetlepels vanillesuiker
Zo maak je monchoutaart in een glaasje:
- Verkruimelen: maak de bastognekoekjes helemaal fijn met behulp van een keukenmachine, of stop ze in een zakje en sla ze tot fijne kruimels met een deegroller. Smelt ondertussen de boter in een pannetje en roer dit goed door de koekkruimels heen. Schep de helft van dit kruimelmengsel in de glazen, druk de bodempjes stevig aan met de achterkant van een lepel en plaats ze even in de koelkast om op te stijven.
- Kloppen: roer de monchou in een ruime kom glad en soepel. Neem een andere kom en klop hierin de slagroom samen met de vanillesuiker op tot een bijna stijf geheel. Meng eerst de helft van de slagroom voorzichtig door de monchou en spatel daarna de overige slagroom erbij tot er een stevige, romige crème ontstaat. Schep dit mengsel vervolgens in een spuitzak om netjes te kunnen werken.
- Opbouwen: haal de gekoelde glazen tevoorschijn en breng een eerste laagje van de romige crème aan op de krokante koekbodem. Verdeel hier een royale eetlepel van de fruitige kersenvlaaivulling over en strooi er nog een klein beetje van de achtergehouden koekkruimels op. Breng daarna een tweede laag van het roommengsel aan.
- Koelen: werk de desserts feestelijk af door bovenop een mooie, verse kers te leggen, samen met een overgebleven brokje koek. Schuif de gevulde glazen tot slot minstens een half uur in de koelkast, zodat de crème heerlijk stevig wordt en alle smaken perfect samenkomen.