Welkom in de kleinste stad van Friesland
Wie houdt van rust, water en geschiedenis, raakt in Sloten niet snel uitgekeken. Dit compacte vestingstadje, de allerkleinste van de Elfsteden, was vroeger een strategische plek op de waterweg van Sneek naar de Zuiderzee. Vandaag de dag is het een rustige trekpleister voor watersporters en wandelaars. Met zijn historische gevelpanden en intacte vestingwerken ademt de binnenstad pure historie.
De uienstad met het wekelijkse kanongebulder
De oude vesting van Sloten heeft van bovenaf gezien de vorm van een ui. De stad staat in de volksmond dan ook bekend als de sipelstêd (uienstad), en de traditionele jaarmarkt in de zomer heet hier de sipelsneon. Wandel je richting het bastion, dan zie je korenmolen De Kaai staan. Sinds 1775 wordt hier op windkracht graan tot meel gemalen, dat je direct in het molenwinkeltje kunt kopen. De Friese naam kaai betekent sleutel, een toepasselijke verwijzing naar de stadsnaam Sloten.
Vlak naast de molen staat een authentiek kanon. De hele zomer lang komt de schutterij hier op vrijdagavond bijeen om het kanon met buskruit en stro te laden en het weekend met een flinke knal in te luiden.
Van historische toverlantaarns tot moderne fonteinen
In de binnenstad bevindt zich Museum Sloten, dat op de toverzolder een bijzondere verzameling historische toverlantaarns herbergt. Deze vroege voorlopers van de projector laten zien hoe men in de 19de eeuw al genoot van geprojecteerde beelden.
Net buiten het centrum staat de fontein 'Kievit', die deel uitmaakt van de Friese 11fountains. Dit kunstwerk toont een meisje op de schouders van een man met een vogel in haar hand, een herinnering aan het feit dat schoon drinkwater wereldwijd niet overal vanzelfsprekend is.
Het water op: Rondje Brandemar en Grote Brekken
Voor wie de weidse omgeving vanaf het water wil verkennen, is de vaarroute Rondje Brandemar - Grote Brekken - Lange Sleat van Visit Friesland een aanrader. Deze tocht van bijna 14 kilometer start bij het Toeristisch Overstappunt in Sloten. Je vaart onder de Nieuwe Langebrug door en laat het stadje achter je via de rivier de Ie.
De route voert je eerst langs de weilanden van het Brandemar en steekt vervolgens over naar de Groote Brekken, ook wel de Lemster Brekken genoemd. Hier ervaar je de echte ruimte van het Friese merengebied, compleet met voorbijglijdende zeilschepen en grazende koeien langs de kant. Via de Lange Sleat en de kleine Rengersbrug vaar je ten slotte weer rustig terug naar de beschutting van de stad.