In de kakofonie van kwinkelerende vogels en schorre kreten die de fazanthaan over het beekdallandschap van De Drentsche Aa uitstoot, klinkt ineens een gebiedsvreemd geluid. Kerkklokken? Het gebeier zóu van de Jacobuskerk kunnen komen, het middeleeuwse bedehuis op de brink in Rolde, een paar kilometer verderop.
Maar Arie grijpt al raak in de zak van z’n houthakkersvest, het is zijn ringtone. ‘Zit je nou nóg in de bossen?’ wil zijn vrouw Berthy weten. Arie grijnst wat beschaamd, het geronnen bloed – getuige van een kleine aanvaring met een braamstruik – rust nog op zijn linkerwang. Het zal niet de eerste, ook niet de laatste keer zijn dat Arie de klok vergeet in het open veld. Eenmaal “op struin” gaan de voelsprieten van de stokkenmaker aan. En valt de tijd stil.
‘Het ga je goed, jongen’
Een dik uur eerder had Arie Fonk zijn fourwheeldrive over drassig terrein geslalomd om op “stokkenjacht” te gaan. Een volstrekt onschuldige vorm van wildbeheer in het Nationaal Park Drentsche Aa, waarbij gelukkig geen druppel bloed vloeit. Hoogstens een bescheiden wond op de plaats waar de tak werd afgezaagd. Bomen zorgen zelf voor een “pleister” en Arie legt altijd even een vinger op de zere plek: ‘Als bedankje, voor het groeien.’ Een liefdevol gebaar, dat met een vriendelijk woord komt. Iets als ‘het ga je goed, jongen’ of ‘ik zie je in het najaar weer’.
Arie is een man met veel gezichten. Keramist, kunstrestaurateur, amateurarcheoloog, een koopman, een verzamelaar. Gepassioneerd liefhebber van natuurlijk en cultuurhistorisch erfgoed, zaken van waarde waarover hij als actief politicus decennialang waakte. Je kunt ‘m uittekenen met de zwarte alpinopet die altijd een beetje schuin over z’n rechteroog hangt.
Arie is een nieuwsgierig mens. Nooit uitgeleerd. Al zit de tijd ‘m soms ook op de hielen, hij moet, nee, hij wíl nog zo veel. En dus sjouwt hij weer verder over onverhard terrein. Een stel watervaste laarzen aan de voeten, de kleine zaag en een handzaam snoeischaartje paraat. Almaar turend, wijzend, druk gebarend. Zo gidst hij zijn gezelschap langs de ruigte waartussen “zijn” vondsten zich schuilhouden, en soms aan het getrainde oog prijsgeven. Een schatkamer voor de “stokkentovenaar” uit Rolde.
‘Wat kosten die stokkies?’
Wat kosten die stokkies?’ had de man terloops gevraagd. ‘Doe er maar twee, laat die meiden van mij er maar een paar uitkiezen.’ Bij Arie Fonk komt de stoom nog net niet uit z’n oren als hij een oud voorval bij zijn kraam op festival Middeleeuws Ter Apel opdist. ‘Zo wérkt het niet. Die stok wil een mooie plek hebben, en dat verdient-ie ook. Soms weiger ik ze dan te verkopen. Ze moeten bij iemand pássen.’
We snapten, of voelden, pas wat Arie daarmee bedoelde toen we het stokkenwalhalla betraden. De werkplaats van de beeldend kunstenaar, waar de houtkachel snort en tientallen kuierstokken in wording – soort bij soort – wachten op de handen van hun meester. Hier liggen geen dode dingen die je voor een paar grijpstuivers op de kop tikt.
Al die groeven, knoesten en knobbels in het hout vormen gezichten in de ruimte. De ene stok heeft van zichzelf al een “loopgleuf” waar je handig je duim in leggen kunt, andere laten ogen, oren, een snavel of neus zien. ‘Kijk, die pukkeltjes laat ik zitten,’ zegt Arie en zijn hand aait over de kop alsof het een levend wezen is. ‘Die horen bij hem.’
Alles is door Arie eigenhandig gesprokkeld en gezaagd, daarna thuis te drogen gelegd – ‘een half jaar, vanwege de sapstroom die nog door het hout loopt’. Daarna geeft hij er zijn creatieve draai aan: schuren, stomen, bewerken, polijsten. En tenslotte haalt een laag beits de originele kleur van het hout op. Zelf loopt Arie ook graag met een wandelstok, ‘vooral in de bergen’, bij voorkeur een pelgrimsstok. ‘Die moet goed voelen in het lopen en ook als metgezel iets bijzonders hebben. Een band groeit snel, en dan neem ik er geen afscheid meer van.’
Verder lezen
Het volledige verhaal over Arie Fonk en zijn bijzondere wandelstokken lezen? Dit verhaal verscheen in de nieuwe Eropuit-editie van Noorderland, nu te koop in de winkels en online te bestellen via onze webshop. In deze editie volgen we ook het Drenthepad, gaan we "natuurjournalen" en verkennen we een relatief onbekend natuurgebied in Noord-Nederland. Dit – en nog veel meer – lees je nu in ons nieuwste nummer.