Ingrediënten voor 20 koekjes:
- 250 gram zelfrijzend bakmeel
- 180 gram fijne kristalsuiker
- 150 gram roomkaas
- 120 gram ongezouten roomboter
- 80 gram verse aardbeien (in kleine stukjes)
- 75 gram poedersuiker
- 1 ei
- 1 zakje vanillesuiker
- snuf zout
Zo maak je aardbeienkoekjes met witte chocolade:
- Invriezen: Meng de roomkaas en de poedersuiker in een kom tot een glad en romig mengsel. Bekleed een bord of een kleine bakplaat die in de vriezer past met een velletje bakpapier. Schep hier 20 kleine hoopjes van het roomkaasmengsel op en zet dit minstens 1 uur in de vriezer zodat de vulling goed stevig wordt.
- Kloppen: Doe de ongezouten roomboter, de fijne kristalsuiker en de vanillesuiker samen in een ruime kom. Mix dit met een handmixer of keukenmachine tot een lichte, romige massa. Voeg het ei toe en meng het geheel opnieuw goed door elkaar.
- Mengen: Voeg nu het zelfrijzend bakmeel en een snufje zout toe aan de kom. Meng rustig totdat er een stevig koekjesdeeg ontstaat. Spatel tot slot heel voorzichtig de kleine stukjes verse aardbei en de grof gehakte witte chocolade door het deeg. Verpak het deeg in vershoudfolie en laat het minstens 1 uur rusten in de koelkast.
- Verwarmen: Verwarm de oven voor op 180 graden en bekleed alvast een grote bakplaat met een nieuw vel bakpapier.
- Vullen: Haal het deeg uit de koelkast en verdeel het in 20 gelijke porties. Neem een bolletje deeg en trek er ongeveer een derde vanaf. Vorm van het grootste stuk deeg een rondje en druk er met je duim een kuiltje in, waar je vervolgens een bevroren hoopje roomkaasvulling in legt. Maak een platgedrukt schijfje van het kleinere deegstukje, leg dit bovenop de vulling en druk de randen rondom goed aan zodat de vulling mooi ingesloten zit.
- Verdelen: Leg de gevulde koekjes met voldoende tussenruimte op de beklede bakplaat, aangezien ze tijdens het bakken nog flink zullen uitlopen.
- Bakken: Schuif de bakplaat in het midden van de oven en bak de koekjes in 10 tot 12 minuten goudbruin. Haal ze uit de oven en laat ze volledig afkoelen op de bakplaat zelf, zodat de warme roomkaasvulling weer stevig kan opstijven voordat je ze serveert.