Natuur

Ouder dan de hunebedden: 4 verrassende feiten over het Drents heideschaap

Met hun herkenbare lange staart en eigenwijze blik horen ze onlosmakelijk bij het Drentse landschap. Toch scheelde het halverwege de vorige eeuw maar een haartje of dit oeroude dier was voorgoed verdwenen. Maak kennis met vier opmerkelijke weetjes over een van de meest veerkrachtige bewoners van de provincie: het Drents heideschaap.

Romy van der Lingen
2 minuten
Drenthe
Leuke weetjes
Drents heideschaap
Drentse heideschapen op de hei. Foto: Adobe Stock

1. Een historie van 6000 jaar

Het Drents heideschaap is met recht een levend monument te noemen; het is namelijk de alleroudste schapensoort op het Europese vasteland. Al zo'n 4000 jaar voor Christus trokken de vroegste voorouders van dit specifieke ras met de eerste migranten mee naar het Drentse zandplateau. Dat maakt dit dier, na de hond, het oudste tamme huisdier in onze geschiedenis – én ouder dan de hunebedden. Deze bekende stenen monumenten verschenen tussen 3400 en 3200 voor Christus in het Drentse landschap.

Wat zo bijzonder is, is dat het uiterlijk van het Drents heideschaap door de millennia heen nauwelijks is veranderd. Ze zijn nog altijd compact gebouwd, ijzersterk en gezegend met die typische, lange staart die tot ver onder de hakken reikt.

2. De onmisbare motor achter de zandgrond

In vroegere tijden hielden de keuterboeren deze kuddes beslist niet alleen voor de wolopbrengst of het vlees, maar hoofdzakelijk voor de productie van mest. Overdag trokken de viervoeters de uitgestrekte heidevelden op om flink te grazen – een volwassen schaap kon op een goede dag wel 5 kilogram zwaarder thuiskomen! – om vervolgens ’s nachts in de potstal te verblijven.

De mest die daar werd verzameld, was goud waard. Zonder deze natuurlijke 'mestfabriekjes' was het simpelweg onmogelijk om op de schrale Drentse zandgronden gewassen zoals graan te verbouwen. Je mag dus gerust stellen dat dit dier aan de basis stond van het huidige cultuurlandschap in de provincie.

Drentse heideschape
Drentse heideschapen. Foto: Adobe Stock

3. Karaktervolle types met een eigen wil

Wie weleens bij een kudde staat, merkt het meteen: Drentse heideschapen zijn opvallend nieuwsgierige, alerte en pittige dieren. In vergelijking met moderne productierassen hebben ze hun natuurlijke zelfredzaamheid volledig behouden. Die eigenzinnigheid zie je ook heel duidelijk terug in het paringsseizoen. De ooien bepalen in de kudde namelijk helemaal zelf door welke ram ze zich laten dekken.

Er komt hier geen kunstmatig dekblok aan te pas; de natuur regelt het onderling. Juist hierdoor blijven de sterkste en meest authentieke eigenschappen van het ras van generatie op generatie bewaard.

4. Op het nippertje gered

Het had bar weinig gescheeld of dit karakteristieke ras was compleet van de aardbodem weggevaagd. Door de uitvinding van kunstmest rond het jaar 1900 waren de schapen plotseling niet meer nodig als mestproducenten. Het dieptepunt werd bereikt in 1946, toen de allerlaatste traditionele kudde in haar geheel werd verkocht aan de slachterij.

Gelukkig greep een groep oplettende liefhebbers net op tijd in, omdat ze beseften dat er een onvervangbaar stuk cultuurhistorie dreigde te verdwijnen. In 1949 werd er in Ruinen een gloednieuwe kudde opgezet met de allerlaatste raszuivere exemplaren. Elk Drents heideschaap dat je vandaag de dag ziet grazen, stamt rechtstreeks af van die kleine groep taaie overlevers uit Ruinen.

Paul Mentink, Stichting Zeldzame Huisdierrassen Adobe Stock