1. Men moat de bakker en de slachter te freon hâlde
Vertaald betekent dit dat je de bakker en de slager te vriend moet houden. Het is een manier om te zeggen dat je goed en gezond moet eten; als je zorgt voor een goede band met de mensen die je eten maken, kom je nooit iets tekort.
2. It giet net hân foar foet
Deze uitspraak gebruik je wanneer de zaken niet helemaal lopen zoals je had gepland. Het gaat letterlijk 'niet hand voor voet', wat aangeeft dat de voortgang moeizaam is of dat er hindernissen op de weg liggen.
3. In oar it himd jaan en sels neaken gean
Dit is een waarschuwing tegen te grote vrijgevigheid. Je kunt iemand anders wel je laatste overhemd geven, maar als je daardoor zelf naakt op pad moet, ben je niet verstandig bezig. Het is goed om te helpen, maar vergeet jezelf niet.
4. Fan ivichheid oant amen duorje
Wanneer iets gevoelsmatig een eeuwigheid in beslag neemt, gebruiken de Friezen deze uitdrukking. Het verwijst naar de lange duur van een kerkdienst, van het begin van de eeuwigheid tot het allerlaatste 'amen'.
5. Foar de kofje net eamelje
Misschien wel de bekendste uitspraak op dit lijstje: voor de koffie moet je niet zeuren! Het geeft aan dat de dag pas echt begint na de eerste bak troost en dat onnodig geklaag in de vroege ochtend niet wordt gewaardeerd.
6. As de boer gjin oalje hat, dan pisset er yn ’e lampe
Een typisch voorbeeld van Friese vindingrijkheid. Als de boer geen olie heeft voor zijn lamp, dan plast hij er maar in. Oftewel: als de middelen beperkt zijn, moet je creatief zijn en roeien met de riemen die je op dat moment hebt.
7. Mei kliemen en kleien is neat te bedijen
Deze spreuk getuigt van een gezonde, positieve instelling. Met 'kliemen en kleien' (klagen en steunen) bereik je namelijk helemaal niets. Alleen door de schouders eronder te zetten en door te gaan, krijg je zaken voor elkaar.