Cultuur

Knup in de tong: durf jij deze 7 Drentse woorden hardop uit te spreken?

Denk jij dat je de Drentse taal wel aardig beheerst omdat je een keer ‘moi’ hebt geroepen in de lokale supermarkt? Dan dagen we je uit. De Drentse streektaal zit namelijk vol met prachtige, maar listige klanken waarbij je tong sneller in de knoop raakt dan je een kniepertie kunt opeten. Krijg jij deze acht Drentse tongbrekers foutloos over je lippen?

Romy van der Lingen Leestijd 2 minuten
Drenthe
Drentse uitspraken
Drentse woorden
Drentse woorden

1. Siepsapsiepieholt

We vallen meteen met de deur in huis met een echte tongbreker: de lijsterbes. In Drenthe noemen we het hout van deze boom ook wel siepsapsiepieholt. Het woord is een aaneenschakeling van korte klanken die vliegensvlug achter elkaar uitgesproken moeten worden. Een ware test voor je articulatie!

2. Mieghummel

Een klein diertje met een grote naam: de mier noemen we in Drenthe een mieghummel. Het klinkt bijna als een gezellig gezoem, maar die overgang van de ‘ie’ naar de ‘gh’ (waarbij de g een beetje zacht en rollend is) maakt het een verraderlijk woord voor iedereen die niet met de streektaal is opgegroeid.

3. Babbelegoegies

Heb je het over onzin, praatjes of malligheden? Dan heb je het over babbelegoegies. Het is een van de vrolijkste woorden uit de lijst, maar de opeenvolging van de ‘b’-klanken en de ‘oe’-klank aan het einde zorgt ervoor dat je mond al snel een andere kant op wil dan je hersenen.

4. Otjesrewerij

Als je op een rommelmarkt staat waar van alles en nog wat wordt verkocht, dan ben je bij een otjesrewerij. Dit woord vergt een behoorlijk uithoudingsvermogen van je tong. Vooral de rollende ‘r’ in het midden in combinatie met de snelle lettergrepen maakt dit een gevreesde tongbreker onder toeristen.

5. Kleinkiender

Je zou denken dat kleinkinderen makkelijk te vertalen is, maar probeer kleinkiender maar eens op z'n Drents uit te spreken. De ‘ei’ en 'ie' gecombineerd met de inslikte ‘er’ aan het einde is een typisch voorbeeld van hoe de Drentse taal woorden net even wat ronder en korter maakt dan we gewend zijn.

6. Ropperig in de pokkel

Ben je helemaal over de rooie of zit je niet lekker in je vel? Dan ben je ropperig in de pokkel. Een mondvol woorden waarbij vooral de korte ‘o’-klanken in beide woorden een bepaald ritme vereisen. Zeg het een paar keer achter elkaar en je merkt dat je kaken een behoorlijke workout krijgen.

7. Gaorenklopper

Hebben we het over een apart figuur met vreemde trekjes? Dan is dat een gaorenklopper. De lange ‘oa’-klank aan het begin moet je diep uit je borstkas halen, gevolgd door een korte, krachtige afsluiting. Een prachtig woord om je Drentse vocabulaire mee af te sluiten, mits het je lukt om het in één keer goed uit te spreken!