Wie door Drenthe reist, ziet regelmatig statige, kasteelachtige herenhuizen in het landschap opduiken. Misschien denk je bij zo’n imposant gebouw direct aan een havezate, maar dat is niet altijd het geval. Een havezate is namelijk geen algemene benaming voor elk groot herenhuis; het was in de 17de en 18de eeuw een specifiek bestuurlijk privilege. De term stamt af van ‘hofstede’ – letterlijk: op een hof zittend.
In die tijd werd Drenthe bestuurd door de Ridderschap (de adel) en de Eigenerfden (de boeren). Om in de Ridderschap te mogen zitten, moest je van adellijke komaf zijn, in Drenthe wonen én het recht van havezate bezitten. Er werden destijds precies achttien van deze rechten uitgegeven. Dat recht was kostbaar en zelfs verplaatsbaar: kocht een edelman een ander huis, dan nam hij het privilege simpelweg mee. Zo zijn er in totaal wel 28 huizen geweest die ooit de status van havezate droegen, maar nooit meer dan achttien tegelijk. Bekende landhuizen als Overcingel in Assen of Voorwijk in De Wijk waren bijvoorbeeld schitterend, maar vielen formeel nooit onder dit exclusieve recht en waren dus geen havezates.
Een gastvrije cultuur
De grootste concentraties van deze havezaten vind je in het noorden, rondom Eelde en Paterswolde, en in het zuidwesten bij De Wijk. Het waren vaak edelen uit Groningen, Overijssel en Gelderland die hier neerstreken en zich met het bestuur van de regio gingen bemoeien.
Het bezit van zo’n havezate bood aantrekkelijke voordelen: vrijstelling van bepaalde belastingen en het recht op zaken als wind (voor molens), zwanendrift en houtkap. Helaas zijn er door de tijd heen veel havezates verloren gegaan. Vooral rond 1800, in de Napoleontische tijd, werden veel huizen gesloopt omdat het afbraakmateriaal simpelweg meer waard was dan het monument zelf. Grote verliezen zoals het Huis te Ruinen of de enorme havezate Batinge in Dwingeloo zijn sindsdien alleen nog op oude prenten te bewonderen.
Zelf op ontdekking
Gelukkig zijn er negen van de oorspronkelijke havezaten bewaard gebleven. Ze hebben tegenwoordig vaak een andere bestemming, maar de statige uitstraling is gebleven. Wil je de sfeer van vroeger proeven? Dan is een uitstapje naar deze plekken onmisbaar:
- Museum Havezate Mensinge: dit is de enige havezate in Drenthe die als museumhuis is ingericht. Het gebouw is meer dan zeshonderd jaar oud en de inventaris is nog grotendeels authentiek. In het koetshuis leer je alles over de geschiedenis van het havezaterecht, waarna je de woonvertrekken in de havezate kunt bewonderen. Een absolute aanrader voor wie wil begrijpen hoe de Drentse adel vroeger leefde.
- De Havixhorst: deze havezate in De Schiphorst is tegenwoordig een châteauhotel. Het landgoed is niet alleen een lust voor het oog door de prachtige tuinen, maar je kunt er ook in stijl overnachten en dineren. Het is de ideale plek om zelf de adellijke sfeer van weleer te ervaren, terwijl je geniet van moderne gastvrijheid.
- Wandel langs de historie: andere havezaten, zoals Oldengaerde in Dwingeloo, zijn particulier bewoond en doorgaans niet toegankelijk. Soms gaan de deuren op speciale dagen, zoals Open Monumentendag, toch even open. Maar ook van de buitenkant zijn ze een prachtig eindpunt van een wandeling door het afwisselende Drentse landschap.
Soms hoef je alleen maar even van het bospad af te wijken om een stukje adellijke pracht uit een vergeten tijd tegen te komen. Drenthe blijft immers altijd weer verrassen.