IJspannenkoeken op het Friese water
Het klinkt misschien als een smakelijk recept, maar ijspannenkoeken zijn toch echt een bijzonder natuurverschijnsel. Onlangs werden deze drijvende ijsschijven nog gespot in de haven van Grou, tot grote vreugde van voorbijgangers en natuurfotografen. Hoewel ze eruitzien alsof ze door mensenhanden zijn gemaakt, ontstaan deze ronde vormen volledig vanzelf wanneer de omstandigheden op het water precies goed zijn.
Geen stilstaand water
Voor het ontstaan van ijspannenkoeken is meer nodig dan alleen een flinke portie vorst. Waar bij stilstaand water direct een gesloten ijsvloer ontstaat, is voor dit fenomeen juist beweging nodig. In rivieren, meren of bij stuwen en gemalen klotst het water tegen de kant, waardoor er schuimvlokken ontstaan uit de eiwitten in het water. Zodra het vriest, veranderen deze vlokken in ijs, dat door de constante beweging van de golven niet aan elkaar vastvriest maar in losse delen uiteenvalt.
Van poffertje naar pannenkoek
De ronde schijven beginnen vaak klein, maar groeien doordat nieuw schuim gemakkelijk aan de randen blijft plakken. De typerende opstaande rand, ook wel het 'kraagje' genoemd, ontstaat doordat de ijsschijven telkens tegen elkaar aan botsen. Hierbij spat er wat water over de randen dat vervolgens bevriest, waardoor er een opstaande rand van enkele centimeters hoog ontstaat. In Nederland hebben deze schijven meestal een diameter tussen de tien en dertig centimeter, maar op grotere wateren zoals de Oostzee kunnen ze uitgroeien tot schijven van ruim een meter breed.
Zeldzamer door zachte winters
Vroeger waren ijspannenkoeken op de grote rivieren en het IJsselmeer een bekend gezicht tijdens strenge winters. Door de steeds zachtere weersomstandigheden in Nederland zien we ze tegenwoordig echter nog maar zelden. Toch is het de moeite waard om bij aanhoudende vorst de waterkant goed in de gaten te houden, zeker op plekken waar het water flink in beweging is. Het blijft een prachtig gezicht om deze natuurlijke kunstwerken voorbij te zien drijven.