Lifestylemagazine over Noord-Nederland

45 jaar Pé en Rinus: zo is het iconische duo uit Groningen ontstaan

Hoe het met Pé en Rinus gaat? Alles goud, mogen we wel zeggen. Al 45 jaar vormen ze een ijzersterk span, geliefd tot ver over de grenzen van hun thuisprovincie. Want als je dit leest, heeft het zangersduo zelfs Paradiso in Amsterdam al plat gespeeld, de kers op de taart van hun jubileumjaar. Maar met al die bult gekkigheid en dat maatschappijkritische geluid 'oet Grunn', dringt de vraag zich op: hoe is dit iconische duo eigenlijk ontstaan?

Pé en Rinus

'Leuk wat jij daar deed'

Hun verhaal begint feitelijk in 1979, als de levens van twee jonge twintigers elkaar kruisen. Als lid van de Groninger studentenvereniging Albertus Magnus nemen ze beiden, afzonderlijk van elkaar, deel aan een veredeld “songfestival”. ‘Leuk wat jij daar deed,’ vindt Frank er een halve eeuw later nog van.

Peter, fanatiek lid van de kroegcommissie, zong Elvis’ klassieker It’s now or never, even losjes in de heupen als the “king” zelf. Lacht: ‘Ik moest het niet hebben van mijn zangkwaliteiten.’ Frank – toen in de leeszaalcommissie – deed “een bluesje” en zong onder begeleiding van een pianist. De vonk sloeg over. Of zoals Peter in alle nuchterheid zegt: ‘Het sprak mij wel aan.’

Ze besloten hun krachten te bundelen en wonnen datzelfde songfestival een jaar later, met hun eigen lied Gezina. ’We hadden elkaar gevonden in de muziek,’ herinnert Peter zich als de dag van toen. The Kinks, dat was zíjn grote voorbeeld, Louis Prima en Neerlands Hoop waren hun gezamenlijke helden.

De artiestennamen lagen voor de hand, het pseudoniem Rooie Rinus van Frank althans, met z’n rode lokken. Na een nachtje melig doorhalen was ook Pé Daalemmer geboren. Laatste had stiekem wel de wens om straatmuzikant te worden, ‘maar dan wel met liedjes in het Gronings’, en in 1980 was het zover: ze trokken samen de stoute schoenen aan en positioneerden zich schaamteloos voor de Hema in de Herestraat, de voornaamste winkelstraat van Groningen-stad. ‘Eerst met wat liedjes van The Kinks, om warm te draaien en publiek te trekken,’ memoreert Peter, ‘en andere covertjes, waaronder die ene van Elvis.’ 

Foto: Max de Krijger

Variété draaide als een tierelier

Lef was er al. ‘We hadden allebei al wat podiumervaring opgedaan vanuit cabaretgroepjes,’ zegt Frank. En het publiek vrat hen op. Door de enorme toestroom van passanten slibde de Herestraat vaak helemaal dicht. Toen was het balletje gaan rollen. En hard ook. Pé en Rinus beleefden hun hoogtijdagen in die beginjaren 80 op straatfeesten, braderieën en talentenjachten in Groningen en in Delfzijl, waar Peters ouders een SPAR-supermarkt hadden.

Ze zongen hun originele repertoire in het Gronings en Nederlands, en musiceerden met weinig meer dan een akoestische gitaar en een kazoo, een simpel blaaspijpje dat een verrassend geinig geluid voortbracht. De optredens regen zich aaneen; van Paddepoel tot het Noorderplantsoen en van Loppersum tot Oerol op Terschelling. De variété draaide als een tierelier.

Na een stomende productie van 25 eigen nummers en twee langspeelplaten viel het doek. Nee, niet omdat de kouk op was, Peter en Frank hadden nauwelijks tijd meer om te ademen. De plichten dreigden aan het succes ten onder te gaan. ‘Geen goeie combi, optreden én studeren (de een Engels, de ander Farmacie). Het was aanpoten,’ zegt de een. Zijn kompaan knikt. ‘De druk groeide, we hadden meer werk dan lol en moesten een knoop doorhakken: óf op de professionele toer gaan óf stoppen.’ Hun besluit was unaniem: op 16 november 1984 was er een afscheidsconcert in de Stadsschouwburg.

Foto: Max de Krijger

Verder lezen

Het volledige interview met Pé en Rinus lezen? Dit interview vind je in onze speciale kersteditie, nu te koop in de winkels en online te bestellen via onze webshop. In deze editie bezoeken we onder andere de de Zoutsloter Kerstmarkt in Harlingen, winterwandelen we op het Dwingelderveld, proeven we typische bakgerechten uit Groningen en sommen we de leukste kerstuitjes op. Dit – en nog veel meer – lees je nu in onze nieuwste editie.

Mensen