Ingrediënten:
Voor 8 bamischijven
- 450 gram bami-groenten
- 320 gram mie
- 200 gram paneermeel
- 150 gram taugé
- 100 gram bloem (voor de paneerlaag)
- 30 gram bloem (voor de ragout)
- 20 gram boter
- 200 milliliter groentebouillon
- 7 eiwitten
- 2 tenen knoflook
- 2 eetlepels nasi- en bami-kruidenmix
- 1 eetlepel ketjap
- 1 eetlepel srirachasaus
- zonnebloemolie
- satésaus, om erbij te serveren
- zout, naar smaak (optioneel)
Zelf bamischijven maken doe je zo:
- Pel de knoflook en hak die fijn. Kook de mie volgens de aanwijzingen op de verpakking en laat goed uitlekken.
- Zet een wok op middelhoog vuur en verhit er een scheut zonnebloemolie in. Fruit de knoflook heel kort, tot hij begint te geuren. Voeg daarna de bami-groenten toe en wok ze ongeveer 10 minuten. Ze mogen nog wat bite houden. Schep halverwege de nasi- en bami-kruidenmix erdoor en roer goed om. Doe in de laatste minuten ook de taugé erbij, zodat die warm wordt maar lekker fris en knapperig blijft.
- Schep de gekookte mie bij de groenten en roer alles rustig door elkaar. Proef en voeg eventueel nog een beetje zout of extra kruidenmix toe.
- Maak nu de ragout die de vulling stevig maakt. Smelt de boter in een pannetje op laag vuur en roer de bloem erdoor tot je een glad papje hebt. Schenk beetje bij beetje de groentebouillon erbij en blijf roeren tot je een dikke, gladde saus krijgt. Breng op smaak met ketjap en srirachasaus. Meng deze ragout door de bami, zodat het geheel straks mooi aan elkaar blijft plakken.
- Schep het bami-mengsel in een met plasticfolie beklede ovenschaal. Druk stevig aan en strijk de bovenkant glad. Zet minimaal 1 uur in de koelkast om op te stijven.
- Snijd de opgesteven bami in acht stevige blokken. Zet drie diepe borden klaar: één met bloem, één met eiwitten en één met paneermeel. Haal elk blok eerst door de bloem, dan door het eiwit en daarna door het paneermeel. Voor een extra dikke, krokante korst haal je ze nog een keer door eiwit en paneermeel.
- Verhit de frituurolie tot 180 graden. Frituur de bamischijven in ongeveer 5 minuten goudbruin. Laat ze even uitlekken op keukenpapier en serveer meteen, met satésaus ernaast.
Culinair
- Adobe Stock