1. Dommiet
Een woord dat je in heel Drenthe hoort: dommiet. Het betekent ‘straks’ of ‘zo dadelijk’. Lekker kort, nuchter en vooral heel praktisch.
2. Gaorenklopper
Een Drentse gaorenklopper is een apart iemand, zo eentje waar je soms even je wenkbrauwen bij optrekt. Niet per se negatief – elke gemeenschap heeft wel zo’n kleurrijk figuur rondlopen.
3. Knooien
Als iemand staat te knooien, dan schiet het niet echt op. Het betekent ‘slecht werken’ of ‘prutsen’. De Drentse versie van: 'Dit gaat zo niet opschieten, hoor'.
4. Prugeltie
In 2020 nog verkozen tot mooiste Drentse woord: prugeltie. Een prugeltie is een klein, ondeugend of eigenwijs kindje. Lief, pittig en vol streken – precies zoals de naam klinkt. Let er maar eens op: veel peuterspeelzalen en crèches in Drenthe dragen deze typisch Drentse naam.
5. Gloepens
Sommige dingen zijn niet gewoon groot, warm of mooi, maar gloepens groot, warm of mooi. Dit woord versterkt alles wat je zegt: het betekent 'enorm' en 'heel erg'. Een perfecte Drentse overdrijving dus.
6. Franterig
Wie een beetje franterig is, is wat humeurig of knorrig. Niet écht boos, maar gewoon niet helemaal in topvorm. Een gemoedstoestand die iedereen wel herkent.
7. Poppie
Een liefkozende term voor een baby. Een poppie is klein en schattig – een woord waarin veel warmte en genegenheid zit.
8. Kniepstuuver
Iedereen kent er wel één: de kniepstuuver. Iemand die heel gierig is en iedere cent drie keer omdraait. Ook wel bekend als knieperd of centenknieper.
Herken je deze woorden, bijvoorbeeld uit je jeugd, van thuis of uit het dorp? Dan zit het wel goed. Dan ben jij – jawel – een echte Drent in hart en nieren.
- Adobe Stock