Voor de eerste nachtvorst
De grond is in november vaak nog niet bevroren en daardoor goed bewerkbaar. Bovendien hebben bollen tijd nodig om voor de winter goed te wortelen. Plant ze vóór de eerste nachtvorst, zodat ze zich nog kunnen vestigen, tenzij de grond bevroren of te nat is. Dan kun je beter even wachten tot de weersomstandigheden wat gunstiger zijn.
Welke bollen kies je?
Klassiekers als tulpen, narcissen en krokussen doen het altijd goed in tuinen. Wie wat variatie wil, kan ook denken aan sneeuwklokjes, blauwe druifjes, sieruien of hyacinten. Voor een natuurlijk effect kun je verschillende soorten met elkaar mengen en ze losjes uitstrooien in de border of in het gras.
Zo plant je ze goed
Een eenvoudige vuistregel: plant een bol twee tot drie keer zo diep als hij hoog is, met het puntje omhoog. Zorg voor een goed doorlatende grond, zodat de bollen niet gaan rotten bij nat weer. Zet ze het liefst op een lichte, zonnige plek. Daar komen ze het beste tot hun recht.
Heb je last van muizen of vogels die aan je bollen knabbelen? Plant ze dan wat dieper in de grond of leg er eventueel gaas overheen. Bollen in potten planten kan ook prima: gebruik dan een vorstbestendige pot, leg wat grind of potscherven onderin en gebruik verse potgrond.
Kleur in lagen
Voor een langdurige bloei kun je bollen in lagen planten, ook wel "lasagnebeplanting" genoemd. Zet onder in de pot of kuip de laatbloeiende tulpen, daarboven de narcissen en bovenop de vroege krokussen of blauwe druifjes. Zo geniet je wekenlang van steeds nieuwe bloemen.
Een beetje geduld
Na het planten is het vooral een kwestie van wachten. In de winter lijkt er niets te gebeuren, maar onder de grond zijn de bollen al druk bezig met wortelen. En zodra de zon in het vroege voorjaar wat kracht krijgt, is daar de beloning: een tuin vol kleur en geur!
- Adobe Stock