Benodigdheden:
Voor ongeveer 25 koekjes
- 150 gram boter (op kamertemperatuur)
- 135 gram witte basterdsuiker
- rasp van ¼ citroen
- ¼ theelepel zout
- 1 eetlepel water
- 250 gram bloem (bij voorkeur Zeeuwse bloem, maar gewone tarwebloem kan ook)
- 1½ theelepel bakpoeder
- plasticfolie
- speculaasplank (optioneel)
- koekvormpjes (optioneel)
- glazuur (optioneel)
Zo maak je zelf witte speculaas:
- Doe de boter, witte basterdsuiker, citroenrasp en het zout in een kom en meng alles goed door elkaar. Voeg het water toe en meng vervolgens de bloem en het bakpoeder erdoor. Kneed dit kort tot er een soepel en samenhangend deeg ontstaat.
- Verpak het deeg in plasticfolie en laat het minstens 1 uur rusten in de koelkast.
- Verwarm de oven voor op 170 graden en bekleed een bakplaat met bakpapier. Gebruik je een speculaasplank? Bestuif deze dan met een dun laagje meel of bloem om te voorkomen dat het deeg blijft plakken.
- Kneed het deeg kort door. Druk het in de met rijstemeel bestoven vormpjes van de plank, snijd het vlak af met een scherp mes en tik de koekjes er voorzichtig uit. Heb je geen speculaasplank? Rol het deeg dan uit tot een dikte van 3 à 4 millimeter en steek er koekjes uit met een vormpje of mes. Leg ze met genoeg ruimte ertussen op een bakplaat.
- Bak de witte speculaasjes 15 tot 20 minuten in de oven tot ze licht goudbruin en gaar zijn.
- Leg de koekjes op een rooster, laat ze afkoelen en bestrooi ze eventueel met een beetje fijne suiker. Laat afkoelen en schud het overtollige suiker eraf. Tip: je kunt de koekjes ook nog feestelijk versieren met glazuur.
Culinair
- Cody Chan - Unsplash