1. ’t Het nog nooit zo donker west, of ’t wer altied wel weer licht
Een regel van de geliefde Groningse zanger Ede Staal, en misschien wel de bekendste uitspraak van de provincie. Het betekent dat er altijd weer een betere tijd aanbreekt, hoe donker of moeilijk iets nu ook lijkt.
2. Komt goud, mien jong
Een echte Groningse geruststelling. Als iemand zegt komt goud, mien jong, dan weet je dat je je nergens druk om hoeft te maken.
3. Kop d’r veur!
Soms heb je even een zetje nodig. Kop d’r veur! is dé Groningse aanmoediging om door te zetten. Letterlijk betekent het “kop ervoor”, oftewel: gewoon dóórgaan.
4. Wat mie nait jeukt, dat kraab ik nait
Een typisch voorbeeld van Groningse nuchterheid. Het wil zeggen: als iets mij niet stoort, dan bemoei ik me er ook niet mee.
5. As ’t nait gait zoas ’t mot, mot ’t mor zoas ’t gait
Een tongbreker misschien, maar de boodschap is helder. Gaat het niet zoals je wilt, dan moet je het maar nemen zoals het komt.
6. Doe bist schier
Een mooi compliment: een Groninger die dit zegt, vindt je leuk.
7. Woist ja wel
Soms is er niet meer nodig dan een kort zinnetje om te laten merken dat je elkaar begrijpt. Woist ja wel betekent zoveel als: “je weet toch wel”.
8. Op roakeldais
Letterlijk betekent dit “op goed geluk”. Het wordt vaak gebruikt als je iets probeert zonder dat je weet of het gaat lukken, en dat is eigenlijk precies hoe het leven werkt: op roakeldais.