1. De Martinitoren is kleiner dan bedoeld
De bijna 97 meter hoge Martinitoren – liefkozend d’Olle Grieze genoemd – is hét icoon van Groningen. Ooit was hij zelfs hoger dan de Domtoren in Utrecht – 112 meter –, als statement tegen onze toenmalige leenheer. Die toren haalde echter het einde van de Tachtigjarige Oorlog niet: tijdens een feest op de top, compleet met een vreugdevuur en vuurwerk, ging de toren in vlammen op. Bij de heropbouw koos men voor een iets bescheidener exemplaar; kleiner dan de Dom.
2. Ranja komt uit Grunn
Het zoete kinderdrankje heeft zijn wortels in Groningen-stad. In 1921 begon de Coöperatieve Producentenfabriek (CP-fabriek) aan de Petrus Campersingel met het maken van aanmaaklimonade. De naam 'ranja' is afgeleid van het Spaanse naranja, wat sinaasappel betekent. Het drankje sloeg direct aan en groeide uit tot een ware publiekslieveling. Hierdoor werd de CP-fabriek een van de grootste drankenproducenten van Noord-Nederland – en ranja een stukje zoete Groningse trots!
3. Groningen had ooit stadswallen en stadspoorten
Vandaag de dag wandel je zo de stad in, maar tot in de 19de eeuw werd Groningen omringd door hoge stadswallen en -poorten. Zo waren de Herepoort en Oosterpoort grote toegangspoorten voor reizigers en handelaars. Met de sloop van de wallen kreeg de stad meer ruimte om te groeien, maar op sommige plekken, zoals het Noorderplantsoen, volg je nog steeds het oude vestingtracé.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F08%2FkvBzA2Dt0VseXg1754919671.jpg)
4. Je vindt er een telefoonboek van beton
Naast het station van Groningen staat het KPN-gebouw, dat vanuit de lucht opvallend veel wegheeft van een opengeklapte telefoongids. Toeval? Zeker niet: KPN was jarenlang de uitgever van deze iconische telefoonboeken. Wat ooit een onmisbaar naslagwerk was, oogt nu heerlijk nostalgisch. De papieren gids was jarenlang onmisbaar, maar de allerlaatste exemplaren werden in 2018 verspreid, waarmee na bijna 140 jaar een einde kwam aan de gedrukte traditie.
5. Rijksuniversiteit Groningen was de eerste die vrouwen officieel accepteerde
In 1871 schreef de jonge Aletta Jacobs een brief die in geschiedenisboeken zou belanden. Gericht aan de minister-president vroeg ze toestemming om als vrouw, in het openbaar, te mogen studeren aan de Rijksuniversiteit Groningen. Tot dan toe was hoger onderwijs alleen voor mannen, maar haar verzoek werd ingewilligd. Daarmee werd Groningen de eerste universiteit in Nederland die een vrouw toeliet om in het openbaar te mogen studeren. In de stad is haar nalatenschap nog altijd zichtbaar: van haar standbeeld op het Oude Kijk in Het Jatstraat tot de vele (onderwijs)instellingen die haar naam dragen.
- Adobe Stock