Waarom zijn ze er?
Mieren zijn altijd op zoek naar eten. Een paar kruimels, druppels honing of gemorst fruitsap kan soms al genoeg zijn voor een hele mierenplaag. Ze komen vaak binnen via kleine kieren in muren, ramen of onder deuren. In de tuin houden ze van droge plekjes, bijvoorbeeld onder tegels of tussen plantenbakken.
Zo pak je het aan
De eerste stap is: alles weghalen wat mieren aantrekt. Houd je keuken dus schoon, sluit etenswaren af en laat geen afval staan. Probeer vervolgens het "spoor" te doorbreken. Mieren gebruiken namelijk geursporen om de weg weer terug te vinden. Maak daarom oppervlaktes goed schoon, bijvoorbeeld met natuurazijn of citroensap. Die maskeren de geur en verstoren de oriëntatie van de mieren.
Maak ook je tuin minder aantrekkelijk voor mieren. Mieren maken hun nesten graag op plekken met (veel) organisch materiaal. Verwijder daarom dode bladeren en ander tuinafval. Controleer daarnaast je tuin op bladluizen: mieren houden van deze beestjes omdat ze honingdauw uitscheiden. Door bladluizen te bestrijden, pak je dus indirect ook mieren aan.
Milieuvriendelijke oplossingen
Er zijn een aantal milieuvriendelijke manieren om mieren op afstand te houden. Zo houden mieren niet van de geur van sterke kruiden en planten, zoals lavendel, munt, bieslook, kaneel en kruidnagel. Strooi deze bij deuropeningen en/of ramen om mieren te weren. Ook koperen muntjes of krijt kunnen helpen – mieren mijden deze materialen liever. Verder kun je in de tuin koffiedik rond nestopeningen strooien. Dit verstoort de geurspoor én werkt als natuurlijke mest.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F06%2F8MyKel7vMVONej1750689153.png)
En als het echt uit de hand loopt?
Soms is een mierenplaag zo hardnekkig dat natuurlijk ingrijpen niet voldoende is. Dan kun je kiezen voor speciale mierenkorrels of lokdoosjes. Gebruik wel altijd middelen die veilig zijn voor huisdieren en kinderen.
- Adobe Stock