/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F01%2FYIjDWLhTVqMGGT1737975997.jpg)
De eerste zeehond
1971 was een belangrijk jaar in Lenies leven: toen kreeg ze voor het eerst het verzoek om een zeehond op te vangen, een activiteit die ze overnam van een echtpaar in de omgeving dat al langer zeehonden opving in een bassin. Over die beslissing heeft ze niet lang hoeven nadenken, zegt ze. En dus arriveerde de eerste zeehond bij Lenie in de tuin: ‘Dat deed je gewoon.’
In de jaren 60 en 70 werd duidelijk hoe het Nederlandse Waddengebied ervoor stond. De Waddenzee was zwaar vervuild en de zeehond, eeuwenlang bejaagd om zijn bont, was een bedreigde diersoort. De zeehond zou uitgroeien tot hét symbool van de kwetsbare waddenwereld. Maar op de vraag of ze die potentie in 1971 al zag, is Lenie heel stellig: ‘Nee, totaal niet. Het is me overkomen. Maar wat misschien wel hielp: ik was voor het individu.’ Die ene zeehond waar je je voor inspant, bedoelt ze, zoals Loeskus of Mozes. Daarmee breng je liefde over.
Verwacht van Lenie geen uiteenzettingen over de populatie, over de stand van de soort als geheel en wat daarvoor nodig is. Dat is ook het punt waarop de wegen van Lenie en het zeehondencentrum in Pieterburen uiteindelijk scheidden, in 2014. In de eerste plaats is ze een dierenbeschermer, stelt ze. ‘En via de dierenbescherming kun je de natuur gaan beschermen. Niet andersom.’ Op oude foto’s is Lenie altijd in de weer met een zeehond: met de auto, in een mand, of gewoon met haar blote handen.
Dodelijk virus
De aandacht voor het individuele dier ging wel samen met een wetenschappelijke benadering. Een huzarenstukje was de ontdekking in 1988, met hulp van viroloog Ab Osterhaus van het RIVM, van een dodelijk virus waaraan de zeehonden massaal bezweken. De zeehondencrèche, zoals de opvang in Pieterburen inmiddels heette, werkte lange tijd met Osterhaus samen. Lenie: ‘Dat onderzoek deden we stiekem. Via de achterdeur smokkelden we de zeehond naar binnen.’ Grinnikend: ‘Er is zelfs eens iemand verkeerd gereden, die kwam met een zeehond bij het politiebureau uit.’
In 1993 kwam de crèche in actie nadat een Frans zeeschip containers met landbouwgif verloor, waarvan een deel in de Waddenzee terechtkwam. Lenie haalde een grijze zeehond naar Pieterburen, een mannetje. Eigenhandig ving ze een straal urine op, waarin sporen van het landbouwgif werden aangetroffen. De visvangst in de kustgebieden werd tijdelijk stilgelegd.
Bijzonder, noemt ze haar invloed op politieke besluitvorming nu. Lenie weet wel een verklaring voor dat succes: ‘Ik heb altijd mensen gevonden die veel meer wisten dan ik. Als je denkt dat je het zelf allemaal wel weet, dan bereik je niks.’ Regelen hoefde ze dat nooit, zegt ze eveneens, het ging vanzelf. Een opstapje naar een invloedrijk netwerk was wel Jan van Haaften, bioloog en onderzoeker, die al vroeg bij Lenies bezigheden betrokken was.
Losjes ging Lenie om met wat je gerust de jetset kunt noemen. Leuke herinneringen bewaart ze in het bijzonder aan prins Bernhard, die ze ‘een goede kennis’ noemt, ‘eigenlijk een soort vriend’, die vliegtickets kon regelen en die nu en dan met een klein agendaatje in de hand met haar besprak wanneer hij weer eens met de helikopter in Pieterburen zou landen. Als ze zijn hulp kon gebruiken, belde Lenie rechtstreeks naar het paleis.

Hannes ontvoerd
Van rockband Queen kreeg Lenie toestemming om hun muziek gratis in een reclamespot te gebruiken – ‘It’s a beautiful day, the sun is shining’, met de zeehond die op het strand zijn vrijheid tegemoet hobbelt. Ze deed zaken met bestuurders als Henk Vonhoff en Jan Kamminga, met Russische ministers, met de Aga Khan, Brigitte Bardot, de internationale pers. ‘De hele wereld was in Pieterburen,’ zegt Lenie. Toch ging altijd het welzijn van de dieren voor, zegt ze ook. Een zeehond pas later vrijlaten zodat er hoog bezoek aanwezig kon zijn, zat er niet in. Ze behandelde iedereen als een gelijke.
‘Ik kan niet tegen gezag,’ zegt Lenie. Als jongvolwassene zat ze bij de jeugdbond voor natuurstudie (NJN), en die organisatie zat haar als gegoten: ‘Het gezag was je met elkaar.’ Wat ze er leerde? ‘Vrijheid.’ Ook bij de zeehondencrèche hebben ze een hoop lol gehad, vertelt Lenie. Bij sommige herinneringen aan de autoriteiten giechelt ze stilletjes: ‘Wat waren ze kwaad, het liefst stopten ze me toen in de bak’. Ze geniet daar ook van, om lef te tonen, om dingen te doen die eigenlijk niet mogen. Ze wijst op een geïllustreerde spreuk aan de muur: ‘Be brave and follow what you believe instead’. Met de huidige natuurbescherming in Nederland heeft ze weinig op: ‘Logge organisaties in grote kantoren, en onderzoek is vaak niet meer onafhankelijk. De jongelui durven niet meer.’
Onlangs was Lenie nog in het nieuws over Hannes, de zeehond die uit een Duitse dierentuin ontsnapte en in Nederland werd ontvoerd. In 2024, twintig jaar na de gebeurtenissen, gaf Lenie toe dat zij het was die destijds achter de ontvoering zat. De dierentuin reageerde ontstemd. Wat Lenie zou zeggen als er nu een medewerker plots bij haar op de stoep zou staan? Ze haalt haar schouders op: ‘Nou, kom d’r in.’ Ze noemt zichzelf compromisloos, maar blijft altijd in gesprek.
Colaatje
De liefde voor dieren overbrengen op de lokale bevolking, dat is wat Lenie telkens hoopte te bereiken. ‘Als we de zeehonden in een gebied willen redden, dan moeten de mensen van het dier gaan houden,’ besefte ze. Daarom heeft ze zich als zeehondenbeschermster ook altijd ingezet voor de leefomstandigheden van vissers bijvoorbeeld, in Nederland en daarbuiten, van Griekenland tot Kazachstan en Mauritanië.
In Termunten komt een pakketbezorger het erf op. Lenie staat op en loopt naar de koelkast. ‘Zij krijgen van mij altijd een colaatje. Die jongens hebben het niet makkelijk.’ Momenteel houdt ze zich bezig met armoede en met huisdieren bij gezinnen die in armoede leven. Daarmee is ze teruggekeerd naar vrijwilligerswerk, zoals ze dat ook bij de zeehondencrèche de eerste twaalf jaar deed tot ze in dienst trad. Daarnaast werkte ze als presentator bij Radio Noord, zodat haar zoon kon studeren. Door de jaren heen waren er liefdes in haar leven, van haar eerste huwelijk met de onderwijzer wiens achternaam ze aannam, de naam waarmee ze beroemd zou worden, tot haar huidige ‘living apart together’-partner, die vandaag op bezoek is en met laarzen aan door het weiland stapt. Daarachter een kaarsrechte, groene horizon. Landinwaarts is nooit Lenies richting, die strakke hoge lijn wel. Ze is een “dijkmens”, zegt ze daarover. ‘Vanaf de dijk heb je uitzicht, op wat er daaronder allemaal gebeurt. Is het hier niet mooi?’

Kaspische zeehond
Meer dan 6.000 zeehonden heeft ze in totaal uitgezet, schat Lenie. ‘Wij waren voorbereid op alles. Als er ergens een ramp gebeurde, dan zaten wij al in het vliegtuig.’ Die energie lijkt ze nooit kwijtgeraakt. Haar eigen bondige uitleg: ‘Ik ben nooit ouder geworden dan 12.’
Op een stille middag bij Termunten kan nog altijd elk moment de telefoon gaan. In 2023 was ze nog in Rusland, waar ze ooit opvangcentra heeft opgezet voor de Kaspische zeehond. Een paar weken na dit interview vliegt ze weer naar Iran, gewoon in haar eentje, daar komt ze al zo lang. In Teheran staan haar mannetjes op haar te wachten, ‘de kwajongens’ van de organisatie die zeehonden redt en die zorgt dat vissers een vergoeding krijgen voor de netten die ze moeten kapotsnijden om een verstrikte zeehond te bevrijden. Lenie: ‘In Griekenland zat uiteindelijk eens een visser met een monniksrob in zijn bootje en zei: “Nu pas ik op jou”.’ Ook in Iran vonden dier en mens elkaar. ‘De vissers in Iran hebben mijn naam op hun pakken gezet, die dragen nu allemaal “Lenie ’t Hart” op hun borst. Wat wil je nog meer?’ Doel bereikt, voor de zeehond natuurlijk.
Meer lezen
Verder lezen? Het volledige interview met Lenie 't Hart staat in de nieuwste wintereditie van Noorderland, nu te koop in winkels in heel Nederland en te bestellen via onze webshop. In deze editie spraken we ook met Roxane Knetemann, verbleven we op een week op een onbewoond Waddeneiland, liepen we langs de ruige randen van het nieuwe Ziltepad en staan we stil bij de Friese stormvloed van 1825. Dit – en nog veel meer – lees je nu in onze nieuwste editie.
- Tjeerd Visser